Column voor 7 december 2008 De filosofische stoofpeer
 | Goedemorgen luisteraars,
Nazoekend in de lijst van onderwerpen die ik de afgelopen jaren op de zondagmorgen heb besproken, zie ik dat de stoofpeer ongeveer 11 jaar geleden een keer zijdelings aan de orde is geweest. Een goede reden om de stoofpeer nu eens in het volle zonnetje te zetten.
De peer is een vrucht die al duizenden jaren bekend is. De Romeinen kenden al meer dan 30 perenrassen. Die peren van weleer waren allemaal stoofperen, dus harde, niet ongekookt of gestoofd eetbare soorten. Pas in de 16e eeuw gaan Franse boeren experimenteren om de z.g.n. steencellen in de stoofpeer weg te selecteren. De eerste zachte perenrassen komen begin 17e eeuw op de markt. Men had zo driftig aan rasverbetering gedaan, dat het vruchtvlees letterlijk ‘boter’zacht was. Dat feit vinden we nog terug in de naam van een van die oudste perenrassen, zoals de Beurre Hardy. Beurre, de eerste naam, is afgeleid van het Franse woord beurre, dat boter betekent. Dus een peer met boterzacht vruchtvlees. De thans nog bekende, oude stoofpeerrassen zijn : Brederode, een echte roodstover van Hollandse oorsprong, de Giezer Wildeman, ook een prima roodstover, ook van echt Hollandse oorsprong en tenslotte de Saint Remy. Dat is een heel oud ras, dat in 1720 al bekend was in Frankrijk. De Saint Remy stooft niet zo rood, maar houdt het bij roze. Het unieke van de stoofpeer is, dat hij zonnekracht kan vasthouden, die verzameld is tijdens de zomer, de tijd waarin de stoofpeer tot wasdom komt,ja, tot volwassenheid is gekomen. Toch zit er een oneetbare, keiharde buitenschil om die stoofpeer. Als je echter die harde buitenschil verwijdert en vervolgens wat warmte toevoegt, dan komen alle in die peer verborgen kwaliteiten volledig aan het licht: ze gaan de kleur rood aannemen, de kleur die het meest met het element warmte is verbonden. In die zin is de stoofpeer bijna een filosofische peer. Want, zijn er niet erg veel mensen in deze opgejaagde maatschappij die dagelijks een keiharde, op rationele overwegingen berustende buitenkant moeten tonen, terwijl hun binnenkant nauwelijks meer aan het bod kan komen? In er veel mensen kan ik dikwijls dat metamorfoseproces van de stoofpeer ontdekken. Zodra je al die rationele zekerheidszoekers met wat warmte gaat omhullen en bejegenen, ja, hen voorzichtig probeert te ontdoen van die harde schil, die dikwijls onverteerbare buitenkant, dan komen er veelal wonder gevoelige en heel warmvoelende mensen tevoorschijn. Voor de stoofpeer geld honderd procent: het is niet wat je ervan kunt waarnemen aan de buitenkant. De stoofpeer toont pas zijn unieke opgeslagen zonnekracht, zijn rode warme kleur als je er wat mee gaat doen, zeg maar er iets aan toe gaat voegen. Voor erg veel mensen in deze tijd geldt evenzeer: Ze zijn in hun diepste wezen niet wat je ervan kunt waarnemen aan die soms zo harde, wat stug overkomende, rationele buitenkant. Ja, de stoofpeer is een echt filosofische peer. Goed advies: Als je je dan weer zo nodig moet opsluiten in je kamer, samen met jouw afgod de computer, eet dan tussendoor een schaaltje van die heerlijke rood gestoofde peertjes, als een tot nadenken stemmende versnapering. Dan komt er toch iets van ‘warmte’ binnen in die kille, elektronische duisternis wereld. Voor wie het zien en horen wil. Graag weer tot volgende week. © 2008, Jaap Huibers, Amerongen
 |  | 429x getoond | © RTV Utrecht | stuur door | print artikel |
zondag 7 december 2008 09:00 uur Laatste update: woensdag 28 januari 2009 14:16 uur | |