RTV Utrecht RTV Utrecht RTV Utrecht RTV Utrecht


Weersverwachting Arie Verrips



 

ZO


A

MA


C

DI


C

WO


C

DO


C

VR


B
Min -1°
Max
Regen 0% 20% 30% 30% 20% 20%
Wind NO 3 Bft NO 3-4 Bft O 4-5 Bft O 3 Bft O 3 Bft ZO 3 Bft

Vandaag

Vanmiddag is er veel zon. De NO-wind is meestal matig. Het wordt slechts 6 tot 7 graden.
Vanavond en vannacht trekt er van het noordoosten uit steeds meer bewolking binnen. De NO-wind is matig. Het koelt af naar rond 2 graden.

Normale minimumtemperatuur: 3.9, maximum 8.8 °C.
De zon komt op om 08:05u en gaat onder om 16:45u.


Morgen

Het is meestentijds bewolkt. De NO-wind is matig. Het wordt 6 tot 7 graden.
Tijdens de avond en nacht blijft het bewolkt. De NO- tot O-wind is matig. Het wordt rond 2 graden.

Normale minimumtemperatuur: 3.8, maximum 8.7 °C.
De zon komt op om 08:06u en gaat onder om 16:44u.


Weernieuws

In een keer naar de winter.

Het voorjaar verliep dit jaar snel. Na late kou met zelfs begin maart nog schaatspret werd het al snel zomerweer. En de lange, warme en ook droge zomer zit natuurlijk nog vers in ons geheugen.

Opmerkelijk is dat het dit jaar in het najaar heel lang relatief warm is gebleven, maar dat zich nu niet het zo kenmerkende wisselvallige weer aandient, maar eerder een vooralsnog licht winters weertype. Er is doorgaans veel zon en tijdens de heldere nachten kan het dagelijks meer afkoelen dan dat er overdag als gevolg van zonnestraling warmte in komt. De kans op wat lichte vorst in de nachten neemt dan ook geleidelijk toe. Overdag komt de temperatuur maar een paar graden boven het vriespunt. In de loop van volgende week valt er waarschijnlijk wat neerslag. De kans is groot dat dit in de vorm van (natte) sneeuw zal zijn.

Een groot Russich hogedrukgebied dat zich meer richting Scandinavië verplaatst, en daar bovendien langere tijd blijft liggen, is de oorzaak van het verwachte weertype.
Het is nu nog  wel voorbarig om te zeggen dat de schaatsen uit het vet kunnen, maar in het verleden zijn uit dit soort situaties wel eens echte vorstperioden voortgekomen. In de volksmond staat vrieskou aan het einde van november en begin december wel bekend als het Sinterklaaswintertje.
Begrijpelijk is het dan ook dat het bij schaatsliefhebbers de komende tijd steeds meer gaat kriebelen.

Waarschijnlijk blijft de geschetste  weersituatie minstens tot aan het einde van de maand in takt. Er is een bijkomend voordeel. De novemberzon maakt overuren zodat de maand als geheel zeer zonnig lijkt te gaan worden, maar ook zeer droog.


Klimaat

November tot dusver warm, droog en zonnig.

In navolging van oktober doet november het dit jaar uitstekend. De eerste helft van de maand bracht in De Bilt maar liefst 65 uren zon en dat is ruim tweemaal zoveel als normaal. In een hele maand heeft november gemiddeld 63 uren zonneschijn.
De normale gemiddelde tenperatuur in november is 6.7 graden maar daar zitten we navijftien dagen al 2.4 graad boven.

De komende dagen zal van dit gemiddelde wel aardig wat worden afgeknabbeld. Vanaf dit weekeinde gaat het flink kouder worden. Bovendien blijft het vermoedelijk de hele verdere maand koud. Wel wordt er nog aardig wat zon verwacht en blijft het zo goed als helemaal droog.

Het kan trouwens ook heel anders verlopen. In 1980 bracht de eerste novemberweek in grote delen van ons land een dik pak sneeuw, waren er zes koude datumrecords op rij en kon er op diverse plaatsen worden geschaatst.

Neerslag viel er deze maand nog niet veel, op veel plaatsen in de regio slechts ruim twintig mm. In een doorsnee novembermaand valt er in De Bilt 80 mm. Het nog altijd zeer lage waterpeil van de grote rivieren zal dan ook voorlopig nog niet veel stijgen.

Het is natuurlijk nog te vroeg om al utspraken te doen over heel november maar de kans op een opnieuw droge en ook zonnige maand lijkt, met in achtneming van de laatste prognoses voor de komende veertien dagen, tamelijk groot. Of het ook een warme maand wordt, is nog maar de vraag.
 

Liefhebbers van winterkou komen de rest van de maand steeds meer aan hun trekken. Mogelijk komt het zelfs tot serieuzere kou. De aanwijzingen worden steeds sterker dat zich voor langere tijd een hogedrukgebied gaat opbouwen boven NO-Europa. Tijdens de lange nachten kan het dan flink afkoelen en ook overdag blijft het steeds kouder.

Het is natuurlijk nog te vroeg om nu al te speculeren over schaatsweer maar het zijn toch ontwikkelingen om in de gaten te houden! Tijdens het afgelopen voorjaar kwamen we in korte tijd van winterweer, met schaatsijs begin maart, in de zomer terecht. Dit jaar in korte tijd van zomerweer naar winterweer? We gaan het zien!

In de poolgebieden zijn er de laatste weken wel wat opvallende zaken gaande, maar die hebben vermoedelijk geen gevolgen voor ons winterweer. Zo is het in Canada en aangrenzend IJszeegebied al maandenlang veel kouder dan normaal, maar is daarentegen  de Siberische winter laat op gang gekomen. Ook ligt daar minder sneeuw dan normaal. Maar inmiddels wintert het daar inmiddels volop. In het noordoosten van Europees Rusland is al tamelijk veel sneeuw gevallen en is het ook daar goed koud. In de Noorse bergen en in heel Lapland ligt inmiddels ook een flink pak sneeuw. Overigens is dit daar in november volstrekt normaal.

De hoeveelheid ijs op de Noordelijke IJszee bleef afgelopen zomer redelijk op peil, maar de groei in het najaar bleef lange tijd lager dan gemiddeld. Maar inmiddels is er de laatste weken sprake van een opvallend sterke ijsgroei in dat gebied.


Achtergrond

Herfstweer.

We zijn inmiddels al begonnen aan de laatste herfstmaand, voordat op 1 december de meteorologische winter begint. Tijd om eens wat feiten over herfstweer in het algemeen te benoemen. Ondanks dat veel mensen het in de herfst en winter meer binnenshuis zoeken valt er ook in de herfst buiten veel moois te beleven - afgezien van de fraaie herfstkleuren natuurlijk!

Najaarsonweer boven zee.
Aan het begin van het najaar verplaatst de meeste onweersactiviteit zich van het binnenland naar de kust. Dit wordt veroorzaakt door het nog altijd relatief warme zeewater, dat eind september meestal nog altijd een temperatuur van 16 of 17 graden heeft. In de volksweerkunde zegt men zelfs dat de zee in de zomer geeft (buien boven land) en in de herfst neemt (buien boven zee). Voor onweer en buien moet de lucht onstabiel zijn. Dat wil zeggen dat het hoog in de atmosfeer veel kouder is dan aan de grond. We denken dan aan een temperatuurdaling van 0.8 tot 1.0 graad per honderd meter stijging. In de zomer doet vooral de zon het werk, door middel van sterke verwarming van de onderste luchtlagen boven land. In het najaar kan de bovenlucht ook boven ons land al flink afkoelen als gevolg van aanvoer van koude lucht, afkomstig van hoge breedten, waar het nu snel kouder wordt. Vlak boven het zeeoppervlak wordt de van oorsprong koude lucht flink aangewarmd en zo zien we met name 's avonds en 's nachts onder bepaalde weersomstandigheden (aanvoer van koude lucht, en niet te veel wind) een hele reeks onweersbuien voor de kust liggen. In het binnenland koelt deze van oorsprong koude, doorzichtige lucht nabij het aardoppervlak dan echter flink af, zodat deze daar juist stabiel wordt, hetgeen de vorming en instandhouding van buienwolken belemmert. Het klaart er flink op, maar mede hierdoor zijn de onweersbuien boven zee dan tot ver landinwaarts te zien. Tot 30 of 40 kilometer van de kust zijn de soms hel oplichtende wolkentorens redelijk tot goed zichtbaar en niet zelden ziet men zelfs vanuit Utrecht en Flevoland weerlicht van buien boven zee. En als het dan ook nog eens volle maan is, geven de buienwolken een beetje een sinistere aanblik. In tegenstelling tot de zomer ontstaan er overdag in het najaar boven land niet veel buien. Toch zien we bij die kleine buitjes nog wel eens fraaie, kleine regenbogen.

De ene depressie na de andere.
Dankzij de in het najaar sterk toenemende temperatuurverschillen tussen het poolgebied en de subtropen kunnen boven de Atlantische Oceaan grote, diepe depressies ontstaan. Een ervan is de beroemde IJslanddepressie die regelmatig in weerberichten wordt genoemd. Kleine dochterdepressies, randstoringen genoemd, trekken dan soms met grote regelmaat ten zuiden van de grote moederdepressie naar het oosten en fronten van deze storingen reiken vaak ook tot over ons land. Soms zien we elke dag zo'n storing voorbij trekken en dat levert sterk wisselende wolkenpatronen op. Windveren, ijswolken met valstrepen zijn vaak voorboden van zo'n slechtweergebied. Als de lucht op een gegeven moment melkachtig wit wordt, waar de zon wazig (als door matglas) doorheen schijnt, en de wind aantrekt vanuit zuidelijke richtingen gaat het vaak binnen enkele uren regenen. Wat we in zo'n melkachtige lucht regelmatig ook zien is de kring om de zon of de maan en dat noemen we een halo. We moeten weten dat die hoge bewolking geheel uit kleine ijskristalletjes bestaat omdat het op de hoogte, waarop de bewolking zich bevindt, vele tientallen graden onder nul is. De ijskristallen werken als prisma's en breken het zonlicht. Ook reflecteren ze een deel van het licht. Soms ziet men ook wel kleurschakeringen zoals bij een regenboog, of een witachtige vlek. Zo'n heldere lichtvlek in de egale bewolking noemt men een bijzon.
Urenlange, druilerige regentjes zijn eveneens kenmerkend voor het herfst- en winterseizoen, maar als dit weertype dan gevolgd wordt door buien, klaart het daarna gewoonlijk op en volgen er buien, waar tussendoor de zon te zien is.

Mist.
De herfst staat bekend om de vaak voorkomende mist. De nachten worden snel langer(circa vier minuten per dag) en de zon komt steeds lager aan de hemel te staan, zodat het 's nachts steeds verder kan afkoelen. De zon levert overdag gewoonweg niet genoeg energie meer om het warmteverlies tijdens de nachten te compenseren. Als de lucht zover afkoelt dat deze verzadigd raakt, komt het tot mist. In de zomer en in september blijft het vaak bij mistbanken, die in de loop van de ochtend weer verdwijnen. Je ziet vaak mist in de buurt van waterplassen en sloten. Dat komt omdat water langzamer afkoelt dan land. Vergelijk het met een stomende badkuip vol warm water. Bovendien stroomt koude lucht boven de landerijen vanzelf naar het laagste punt, de sloten en raakt al snel verzadigd. Al vrij snel in het najaar kan de tijdens de nacht gevormde mistlaag zo dik worden, dat de zon niet meer in staat is om de mist op te ruimen. Het is overigens een misvatting dat mist keurig door de zon wordt weggebrand en dus van bovenaf oplost. Mist lost vanaf de grond op, als gevolg van warmtestraling van de zon, die door de mistlaag door dringt en aldus de vochtige luchtlaag van onderen opwarmt, waardoor de relatieve vochtigheid daalt en de lucht niet meer verzadigd geraakt. De ondergrond en het erboven liggende luchtlaagje wordt verwarmd, en de mistlaag wordt als het ware iets opgetild. De mist gaat dan eerst over in laaghangende bewolking en die verdwijnt vervolgens snel, zodra de zon goed doorbreekt. Ook een toename van de wind kan mist doen oplossen. De mistlaag wordt dan gemengd met drogere lucht erboven, zodat de totale luchtlaag niet meer verzadigd wordt. Mist, en ook dauw geeft vooral in bosrijke gebieden prachtige beelden te zien, zeker als de zon op een gegeven moment weet door te breken. Prachtig bedauwde spinnenwebben en dunne takjes, planten, beschenen door een flauw schijnende zon brengen sommige mensen in vervoering.

Mooie zonsopkomsten.
Omdat de zon in het najaar langer laag aan de hemel staat dan in de zomer en bovendien later op komt, kunnen veel mensen getuige zijn van schitterende zonsopkomsten. De hemel is soms rood gekleurd omdat de opkomende zon tegen de onderkant van de wolken van een volgend slechtweergebied, dat ons nadert, schijnt. In dit geval is de volkswijsheid van toepassing: "Ochtendrood geeft water in de sloot." De zon zelf kleurt dan ook rood en dat wordt veroorzaakt doordat het in de lucht rijkelijk aanwezige vocht het zwakke zonlicht versluiert, waarbij vooral het rode licht zichtbaar is. En waarom zien we dat in Nederland zo vaak juist 's ochtends? Welnu, de zon komt in het oosten op en de slechtweergebieden naderen ons land gewoonlijk vanuit het westen. Het avondrood in de zomer wordt vooral veroorzaakt door stof dat tijdens warme en droge dagen als gevolg van thermiek in de lucht komt.