OM eist twaalf jaar voor Utrechtse shoarmamoord

UTRECHT - Het Openbaar Ministerie heeft in hoger beroep twaalf jaar celstraf geëist voor de Utrechtse shoarmamoord.
De zaak uit 1999 draait om een doodgestoken man in shoarmazaak Hazar aan de Amsterdamsestraatweg. De medewerker van de eettent werd die dag dood in de winkel aangetroffen. Hij was met messteken om het leven gebracht en er was uit de kassa een paar honderd gulden gestolen.

DNA-PROFIEL

Op en rond de kassa werd bloed gevonden waaruit een DNA-profiel werd samengesteld. Dat heeft jarenlang in de DNA-databank gezeten. In 2011 kwam er een doorbraak: het DNA-profiel in de zaak van de shoarmamoord kwam overeen met dat van de pleger van een inbraak.
Begin dit jaar werd Aydogan K. in de zaak door de Utrechtse rechtbank veroordeeld tot twaalf jaar cel. Hij ging daartegen in hoger beroep.
OM: MOORD NIET BEWEZEN
Het OM vindt dat moord niet bewezen kan worden: "Hoewel het slachtoffer 29 maal is gestoken en duidelijk dood moest, kan niet zonder meer gezegd worden dat om die reden sprake is geweest van voorbedachte raad."
Daarom wordt de verdachte beschuldigd van gekwalificeerde doodslag. Dat is het geval als het slachtoffer is vermoord om de diefstal mogelijk te maken. De uitspraak in de zaak wordt over twee weken verwacht.