Utrechtse onderzoekers ontleden aangespoelde potvis

UTRECHT - Op het strand van Domburg is vrijdagochtend een dode potvis van ruim dertien meter aangespoeld. Medewerkers van museum Naturalis en de faculteit diergeneeskunde van Universiteit Utrecht doen onderzoek.
Lonneke IJsseldijk van de universiteit gaat de doodsoorzaak van de Domburgse potvis proberen te achterhalen. De onderzoekster hoopt vooral dat het bij één blijft en dat er niet - zoals twee jaar geleden - een hele groep potvissen in Noord-Europa strandt.

VERS

Volgens IJsseldijk is het bekend dat verzwakte walvissen zich afzonderen van hun groep. Ze vindt het dier er nog vers uitzien. De kans is daarom groot dat de potvis levend is aangespoeld. Vrijdagmiddag begint de sectie op het dier waarbij onder meer wordt gekeken naar de organen en maaginhoud. Het skelet wordt mogelijk opgenomen in de nationale collectie van Naturalis.

MANNETJE

Het is volgens de onderzoekster aannemelijk dat het om een mannelijke potvis gaat, vrouwtjes blijven met hun kalf in het aangenaam warme water rond de evenaar. "In de hele geschiedenis is maar één vrouwtje aangespoeld in Noord-Europa, in Engeland." Buiten de paartijd gaan de mannetjes in zogeheten 'bachelor groups' naar de zee bij Noorwegen omdat daar meer eten is. Zodra het weer paartijd is, zwemmen ze terug naar de vrouwtjes.

PROTOCOL

Als er eentje strandt, dan treedt het
in werking. Dat heeft het ministerie van Economische Zaken opgesteld naar aanleiding van de stranding van bultrug '
' op het onbewoonde natuureiland de Razende Bol bij Texel in december 2012.
Dolfijnen worden vaak naar Utrecht gebracht, want die zijn klein genoeg om de sectiezaal van pathologie nog binnen te kunnen komen. Alle walvisachtigen groter dan vijf meter zijn door hun gewicht eigenlijk niet te verplaatsen. Dan wordt de sectie op het strand gedaan.

Utrechtse onderzoekers naar aangespoelde potvis