Instellingen

Railbouwkundige noemt drie tramontsporingen frappant: 'Kon mijn ogen niet geloven'

NIEUWEGEIN - De drie recente ontsporingen van de sneltram in Nieuwegein en Utrecht zijn een zeldzaamheid en vergen veel onderzoek. Dat zegt railbouwkundig expert Michaël Steenbergen van de Technische Universiteit Delft. "Drie ontsporingen in korte tijd is heel frappant. Helaas zijn er ook mensen gewond geraakt. Ik kon mijn ogen niet geloven toen ik het gisteren las en zag hoe de tram op het perron stond. Dit is wel heel snel achter elkaar."
Steenbergen denkt dat er paar zaken grondig onderzocht moeten worden, zoals de snelheid van zeker een van de betrokken voertuigen en de hoogte van het zwaartepunt van de tram. "De oorzaak kan heel goed in de technische hoek zitten, maar het kan ook gewoon zijn dat mensen nog moeten wennen aan een nieuwe situatie op het traject."
Dat het drie keer kort achter elkaar gebeurde, noemt Steenbergen frappant
Dat het drie keer kort achter elkaar gebeurde, noemt Steenbergen frappant © Koen Laureij
Ook aangepaste wielprofielen of spoorstaven kunnen mogelijk een rol spelen. "De rol van de combinatie wielprofiel en spoorstaafprofiel, evenals die van al dan niet aanwezigheid van (flens)smering ter plaatse, is er een die onderzocht moet worden. Ik ga ervan uit dat er metingen zijn verricht om tenminste oorzaken al dan niet uit te sluiten. Het klimmen van de wielflens bij zijdelingse druk, of beter de weerstand daartegen, wordt bepaald door de dwarsprofielen en de aanwezige wrijving. Ik ben niet bekend met de toegepaste profielen, en in hoeverre deze zijn aangepast door middel van slijpen."
Bij de drie ontsporingen is steeds sprake geweest van een aanrijding met gelijkvloers kruisend wegverkeer. "Altijd een gevaarlijke situatie, met name bij hogere snelheden van tenminste een van beide betrokken voertuigen en hoge massa's", aldus de ingenieur. "De directe aanleiding is in alle drie de gevallen de verkeerssituatie. De indirecte aanleiding, datgene wat vervolgens leidt tot de ontsporingen, kan ook een relatie hebben met infrastructuur. Dat moet technisch onderzoek uitwijzen."
Steenbergen denkt dat het type tram geen rol speelt. "CAF-materieel wordt op diverse plekken in Europa ingezet. Ook Amsterdam rijdt er inmiddels mee en het is niet bekend dat het materieel op zichzelf kwetsbaarder is voor ontsporing."
De tram ontspoorde na een botsing met een auto
De tram ontspoorde na een botsing met een auto © Koen Laureij
Blijft een feit dat de nieuwe lagevloertrams van de provincie Utrecht al drie keer uit de rails zijn geschoten. Zijn ze te licht? De CAF-trams in Utrecht zijn geen lichtgewicht trams, benadrukte de provincie gisteren, hoewel dat wel vaak wordt gedacht. "De term 'lichtgewicht' is inderdaad misleidend omdat het eigen gewicht rond de 40 ton ligt", zegt Steenbergen. Het gewicht per as, wat bepalend is voor ontsporingsgevoeligheid, is volgens de railbouwkundigexpert vergelijkbaar met de oude tram.
Maar het bespaarde gewicht kan volgens Steenbergen ook op de staalconstructie gaan zitten, in extra automatisering of airco en dergelijke. En als dat hoger in de tram is ingebouwd en de tram wordt laag aangereden kan hij toch makkelijker uit de rails schieten als het zwaartepunt hoger ligt dan de plek van aanrijding. "Ik heb geen idee of er veel verschil zit in de hoogte van het zwaartepunt in de CAF Urbos ten opzichte van het oudere materieel. Anderzijds waren er zowel een bestelbus als personenauto's betrokken bij de ongelukken, met verschillende hoogtes van aanrijding, wat dus niet in deze richting wijst."
Steenbergen: "Je kan zeggen dat het 'effect dat de tram voelt' bij een botsing vergelijkbaar is met wat het andere voertuig 'meemaakt'. Daarmee is de kans op ontsporing aanzienlijk hoger dan bij treinverkeer, waar de impuls van de trein bij aanrijding veruit dominant is, en deze dus vrijwel ongehinderd zijn weg vervolgt na een aanrijding met een personenauto."

Heb je een tip of opmerking? Stuur ons je nieuws of foto via WhatsApp of mail.