Utrechtse boeren moeten land inleveren aan waterschap: 'Voelt als een mes tegen mijn keel'

WOERDEN - Het voelt wat oneerlijk, zo vinden ze. Elf boeren uit de provincie Utrecht en Zuid-Holland moeten een stukje van hun land inleveren om de boeren in het westen van Nederland, buiten onze provincie, te helpen. Die kampen namelijk met verzilting van hun water. Ze hebben dus meer zoet water nodig. Om dat te bewerkstelligen moeten sloten en bruggen in onze regio worden verbreed en daar moet land van Utrechtse boeren voor wijken.
Boer Gijs Kentie uit Polsbroek moet grond inleveren ten bate van boeren in het Westland
Boer Gijs Kentie is zo'n boer die een stukje weiland kwijt gaat raken. Hij woont met zijn vrouw Elsbeth en hun drie kinderen in een boerderij in Polsbroek. Het erf grenst aan de Lange Vliet, een sloot op de grens met Zuid-Holland. Aan het begin van zijn erf is de sloot breed maar even verderop wordt hij smaller door het weiland van Kentie. De Lange Vliet moet een paar meter verbreed worden en dus moet hij een lange strook van een kilometer lang en drie meter breed inleveren.

Maatschappelijk belang

Twee jaar geleden kwam Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden langs om het nieuws te brengen. "Eerst was ik er niet zo blij mee maar later dacht ik: waarom ook niet? Het moet toch gebeuren", zegt Gijs. "Als agrariër zit je er niet echt op te wachten maar het dient een maatschappelijk doel. Als we het Westland voorzien van zoet water houd je de bedrijvigheid daar op de been."
In het westen van Nederland is een constante strijd gaande tussen het zoute water, dat vanuit de zee ons land binnenstroomt, en het zoete water uit de rivieren. Door de klimaatverandering en de extreme droogte die daarbij gepaard gaat, wordt die strijd steeds vaker gewonnen door het zoute water. Tijdens de extreme droogte in de zomer van 2018 werd nog weer eens duidelijk hoe belangrijk zoet water is voor de boeren in het westen. Het ging destijds nét goed, maar het hield niet over.

Er moet meer zoet water richting het westen worden gepompt. Vanuit het Amsterdam-Rijnkanaal en de Lek kan extra water via verschillende waterlopen in het gebied van Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden worden aangevoerd naar West-Nederland, dit heet de Klimaatbestendige WaterAanvoer (KWA).

Daarvoor moet het waternetwerk wel aangepast worden. Het waterschap pakt dat de komende jaren aan. Zo wordt de pompcapaciteit van verschillende gemalen opgevoerd en worden sloten uitgebaggerd. Ook worden bruggen en sloten breder gemaakt. Aan het einde van dit project moet de aanvoer van zoetwater verdubbeld zijn. Het project is klaar in 2024. Via deze link. kun je meer lezen over dit project.

Toch is de schoen gaan wringen bij de familie Kentie. Want het hele proces duurt lang, zo vinden ze, en langzaam maar zeker daalt in wat voor gevolg het verliezen van land heeft. De grootte van je land bepaalt bijvoorbeeld hoeveel koeien een boer mag houden en hoeveel melk er geproduceerd mag worden.
"Je bent een stuk grond kwijt straks en dat scheelt je een koe", zegt Elsbeth. "Dan denk je: wat is één koe? Maar we willen hier nog wel dertig jaar boeren. Je mist dan dertig jaar de melkopbrengsten en bovendien mis je een stuk grond waar je voer afhaalt voor je dieren. Voor het bestaan van het bedrijf scheelt dat dus wel." De familie vermoedt dat het zo'n 60.000 euro misloopt door het verlies.

Grond in ruil voor grond

De Kenties willen als compensatie dus het liefst een stuk grond terug in plaats van een financiële compensatie. Miriam Duijkers van Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden denkt mee met de boeren. "We snappen dat geen enkele agrariër zit te wachten op verlies van een stuk grond. We kijken altijd of er ruilgrond aangeboden kan worden. Soms hebben we zelf grond of kunnen we het van derden kopen. Als dat niet mogelijk is, dan komt er een financiële vergoeding."
Gijs Kentie moet een strook land inleveren om de hele sloot even breed te maken.
Gijs Kentie moet een strook land inleveren om de hele sloot even breed te maken. © RTV Utrecht / Hester Ramaker

In het nauw gedreven

Wat misschien nog wel het meest schuurt is dat de familie zich in het nauw gedreven voelt. "Het is net of je een mes tegen je keel aankrijgt", zegt Gijs. "Je moet meewerken, doe je dat niet, dan word je onteigend. Daar zitten we natuurlijk niet op te wachten."
Voorlopig houden de Kenties de moed er nog in. Ze zijn in onderhandeling met het waterschap en hopen een stuk grond terug te krijgen. Gijs: "We gaan niet met de haren overeind staan in dit verhaal. We proberen er het beste van te maken en we hopen op een goede afloop."
Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met RPL Woerden.

Heb je een tip of opmerking? Stuur ons je nieuws of foto via WhatsApp of mail.