5 nieuwe roofvogelsoorten in Nederland

Een rode wouw vliegt boven zijn territorium.
Een rode wouw vliegt boven zijn territorium. © ANP
ZEIST - Roofvogels doen het goed in ons land. De afgelopen jaren hebben vijf soorten voor het eerst in Nederland gebroed: de visarend, de steppekiekendief, de zeearend, de zwarte wouw en de rode wouw.
Dat brengt het aantal roofvogels dat in Nederland broedt op vijftien, blijkt uit de Vogelbalans die elk jaar gepubliceerd wordt. De Vogelbescherming in Zeist en kennisinstituut Sovon noemen dat 'verheugend nieuws'. Maar niet met alle roofvogels gaat het goed. De torenvalk en boomvalk kunnen minder prooien vinden, vermoedelijk door nieuwe landbouwtechnieken. De sperwer en de bruine kiekendief zijn over hun hoogtepunt heen. Vogelbescherming Nederland betreurt het dat roofvogels nog altijd worden bestreden door vergiftiging, afschot en verstoring van nesten.
De meeste moerasvogels floreren. De vogeltellers hebben vooral veel roerdompen, snorren, rietzangers en kleine karekieten gespot. Volgens de Vogelbescherming is dat voor een belangrijk deel te danken aan de ontwikkeling van grote, nieuwe moerasgebieden in de afgelopen tientallen jaren. Ook met de bosvogels gaat het goed, onder meer doordat er tegenwoordig weer meer bos is en dat vaker natuurlijk wordt beheerd. In bossen op zandgronden waar veel stikstof uit de lucht neerslaat neemt het aantal bosvogels juist af.
Broedvogels aan de Waddenkust en in de Zeeuwse Delta hebben het zwaar en komen veel voor in de zogenoemde Rode Lijst van bedreigde vogels. Ook de stand van de boerenlandvogels stemt volgens de Vogelbescherming stemt nog niet vrolijk.