Utrecht leert Oekraïens: vluchteling Raïsa is ontroerd door het warme welkom, maar mist haar thuis

© RTV Utrecht / Roel Wijngaards-de Meij
PROVINCIE UTRECHT - Raïsa werd geboren in de Sovjet-Unie en Rusland was haar hele jeugd de grote broer van haar moederland Oekraïne. Maar de trots die ze lang gevoeld heeft voor het buurland is er allang niet meer. En ook al spreekt ze van huis uit de Russische taal, ze heeft het nu voorgoed ingewisseld voor het Oekraïens.
Komende twee weken maken we kennis met tien Oekraïense vluchtelingen die sinds het begin van de oorlog in Utrecht zijn neergestreken. Terwijl ze hun verdriet nog niet hebben verwerkt, moeten ze in Nederland een nieuw leven proberen op te bouwen. Veel Utrechters zijn bereid om ze een handje te helpen. Documentairemaker Roel Wijngaards-de Meij volgt de vluchtelingen en maakt iedere dag een portret aan de hand van een Oekraïens woord. Vandaag de gepensioneerde Raïsa Maksymchoek.

Thuis in Oekraïne

Raïsa woont al jaren in een krap bemeten appartementje in het centraal gelegen Zjitomir, een typisch Oekraïens provinciestadje waar je hier en daar de geur van lang vervlogen Sovjettijden nog kan opsnuiven. Net buiten de stad heeft ze ook nog een stukje land met een houten huisje erop, haar Datcha. Daar staan fruitbomen, bessen- en frambozenstruiken en kweekt ze jaarlijks groente en aardappelen. Die tuin is haar lust en haar leven en als het weer het toelaat, is ze er te vinden. "In de winter is het te koud maar als het lente is, kan je er best een tijdje wonen."
Maar deze lente gaat dat niet en haar landje ligt er verlaten bij. Sinds het begin van de oorlog is de stad een aantal keer stevig gebombardeerd door de Russen. Het werd haar te heet onder de voeten en ze besloot om samen met haar man het land te verlaten. De twee pensionado's kwamen in Utrecht terecht. “We waren echt ontroerd door de manier waarop we zijn opgevangen. We hadden niks, we wisten niks en spreken geen woord Engels, laat staan Nederlands. Maar de mensen zijn hier zo warm en behulpzaam. Werkelijk iedereen die we hier ontmoeten, helpt wel een handje."
Utrecht leert Oekraïens: Raïsa is ontroerd door het warme welkom in Nederland

Tuin in Lombok

Raïsa wordt als verrassing meegenomen naar de tuin van de stichting ‘Common Ground - two’ aan de oever van het kanaal bij de Utrechtse wijk Lombok. Renée Menger, initiatiefnemer van de tuin, verbouwt er groenten en fruit en dat doet ze samen met een groep vluchtelingen. Hier vind je mensen uit Syrië, Afghanistan, Eritrea en ze werken allemaal samen met één doel: een mooie tuin. “En tijdens het wateren van de planten en het wieden van onkruid pikken ze ook regelmatig nog eens wat op van de Nederlandse taal”, aldus Menger.
Zodra Raïsa de poort doorloopt, beginnen haar ogen te stralen. Dit jaar heeft ze haar stukje land in Oekraïne niet in kunnen inzaaien en dat mist ze. Nieuwsgierig loopt ze langs de net geplante groenten en pas ingezaaide kruiden. Ze benoemt alles wat ze ziet terwijl ze veelvuldig mompelt, "‘krasiva" - wat mooi! Raïsa ziet plantjes die wel wat water kunnen gebruiken in dit droge voorjaar. Binnen een mum van tijd heeft ze een volle gieter te pakken en krijgt het dorstige groen een slok van haar. Het is eigenlijk een perkje van de buurman, maar dat mag de pret niet drukken.

Tranen

Toch is de emotie nooit ver weg. Veel familie, vrienden en buren moet ze nu al lange tijd missen en het ziet er niet naar uit dat ze ze snel kan weerzien. Maar ook de gruwelijke beelden uit Butcha en Marioepol zorgen nog geregeld voor tranen. “De hulp en warmte van de Nederlanders is zo goed voor voor ons en Nederland is zo’n mooi land. Het voelt echt als een voorrecht om hier te mogen zijn. Maar ik mis Oekraïne, vooral mijn stad Zjitomir. En als het even kan, als de oorlog misschien voorbij is, dan ga ik gauw weer naar huis terug."

Heb je een tip of opmerking? Stuur ons je nieuws of foto via WhatsApp of mail.